Kind & Hond: de beste kameraden!?

Door: Anouk van Daelen, hondengedragsdeskundige

YouTube staat er bol van: vertederende filmpjes van kinderen en honden. Maar als je goed kijkt, zijn heel veel filmpjes helemaal niet zo onschuldig. De hond laat op allerlei manieren blijken dat hij de situatie niet prettig vindt. Kinderen zijn kinderen. Ze hebben nog geen idee wat wel en niet kan. We geven u wat tips en belangrijke informatie op een rijtje. Zo houdt u de relatie tussen kind en hond gezond.

‘Onze hond bijt niet’

Dit zegt niet dat de hond nooit zál bijten! Als een hond pijn heeft of zich in het nauw gedreven voelt, zal uiteindelijk elke hond bijten. En dat maakt het geen valse hond! Uit onderzoek blijkt dat in 80% van de bijtgevallen het de eigen hond betreft (of bekende hond, zoals die van de buren of van opa en oma). Bijna 60% geeft aan dat er interactie was met de hond direct voordat deze beet. Er is dus kennelijk vooral sprake van miscommunicatie. Helaas krijg je geen gebruiksaanwijzing bij je hond. Maar hondentaal is lichaamstaal en die kun je leren door te kijken en te leren begrijpen. Oefening baart kunst! En het leuke is: er gaat een wereld voor je open als je goed kijkt.

De baas in huis

Kinderen pikken de signalen van de hond niet op en zijn vaak onvoorspelbaar in hun bewegingen, waardoor de hond ook uit schrik kan happen. Daarbij komt dat kinderen een afhankelijke positie in rangorde hebben. Als de ouder weg is, is de positie van het kind ook weg (zakt paar treden). Helaas hoor ik vaak ‘de kinderen komen eerst en de hond heeft gewoon niet te bijten’. Natuurlijk komen de kinderen eerst, maar bij honden werkt het nou eenmaal anders. Zij zien kinderen tot ca. 12 jaar (uiteraard afhankelijk van de hond én het kind) als pup. En puppen mogen gecorrigeerd worden. Een hond zal echter niet snel corrigeren als er een volwassen mens bij is. Laat je hond dus nooit alleen met kinderen. Ook al doet hij niets als je er bij bent.

Vluchten, verstarren of vechten

Honden laten op allerlei manieren zien als ze iets eng of niet prettig vinden. Dat begint meestal heel subtiel met wijken of wegkijken. Dit doen honden onderling ook als ze geen confrontatie willen. Gaat de naderende hond of persoon door met aanstaren en het op de hond aflopen dan kan de hond drie dingen doen: vluchten, verstarren of vechten. De meeste honden kiezen voor vluchten, de confrontatie uit de weg gaan. Als dit niet gezien wordt en je loopt er achter aan, heeft de hond al één ding geleerd: ‘weglopen heeft kennelijk geen zin’. Dan wordt optie twee ingezet: verstarren. Het lijf verstijft, vaak is oogwit te zien. Als ook dit signaal niet gezien en/of gerespecteerd wordt, kan een hond uitvallen. Hij heeft immers al een paar keer laten weten ‘stop ermee!’. Sommige honden hebben dit maar al te vaak meegemaakt en gaan gelijk over tot bijten. Niet alle honden geven dus (meerdere) signalen.

kind-en-hond2

Hondentaal

Naast het wegkijken of wijken, laten honden op veel andere manieren zien dat ze iets eng vinden. Zo kunnen ze tongelen, beklikken, gapen, uitschudden, piepen, hijgen, wijken, poot heffen (voorpootje wordt iets opgetild). Maar ook kunnen ze overspronggedrag laten zien, zoals krabben, likken aan een poot of ineens heel plotseling ergens snuffelen. Mensen vertonen ook oversprong gedrag, zoals bijvoorbeeld aan kleding zitten tijdens een sollicitatiegesprek (spanning!). Het is heel handig deze gedragingen te herkennen bij je eigen hond, zodat je weet wanneer het genoeg is en je de hond uit de situatie moet halen. Bij het zien van één of twee van bovenstaande signalen hoef je nog niet direct in te grijpen, maar zie je drie signalen tegelijk dan vindt de hond het echt teveel en moet je dus oppassen. Bij het uitzoeken van een foto bij deze tekst viel me ook weer op hoeveel honden hijgend gefotografeerd zijn. Die hebben het echt niet allemaal warm!!

Problemen voorkomen

Een aantal tips op een rijtje voor jezelf en om kinderen te leren:

– laat een kind nooit alleen met een hond

– laat de hond als pup op een voor hem prettige manier kennismaken met kinderen

– stuur de hond niet weg als het kind aandacht krijgt, maak het ook voor de hond leuk en laat het kind niet een voorbode worden voor iets vervelends of het wegvallen van aandacht voor hem

– zorg dat de hond voldoende beweging krijgt, dat voorkomt een hoop frustratie

– als volwassene ben je verantwoordelijk voor de hond, jij voedt ‘m op en laat ‘m goed uit

– als er veel kinderen in huis komen spelen, kan een bench prettig zijn. Dit moet dan wel in alle rust aangeleerd worden!

– laat een hond met rust als hij slaapt of eet; jij wilt dan toch ook niet gestoord worden!?

– laat kinderen niet over de hond heen hangen en liefst onder de kop aaien i.p.v. over de kop

– leer kinderen dat honden ook pijn kunnen voelen, het is geen speelgoed!

– leer de taal van de hond, zodat je weet of hij bang of boos is

– blijf niet de naam van de hond roepen als hij toch niet komt, dan leert hij namelijk niet te reageren en dat wil je juist niet!

– laat de hond naar je toe komen, ga niet zelf naar ‘m toe

– laat een kind geen trekspelletjes doen met de hond (bijtgevaar) maar doe bijvoorbeeld een speurspelletje

– voor een hond is het normaal te verdedigen wat hij heeft, leer de hond daarom zo vroeg mogelijk aan dat hij niets hoeft te verdedigen (omdat hij het terugkrijgt of iets anders (lekkers) er voor krijgt)

Menu